Chessschool
← Bijbehorende lesvoorbereiding

Chessschool · Werkblad 6

Rokade en koningsveiligheid

Naam: _________________________ Datum: ______________

Werk eerst zelf en bespreek daarna met een maatje. Zet de stellingen op een echt bord als dat helpt. De diagrammen staan vanaf de witte kant. Bij elke stelling staat wie aan zet is; alle niet genoemde velden zijn leeg.

A · Wit aan zet; witte koning en toren zijn nog nooit verplaatst 1 2 3 4 5 6 7 8 a b c d e f g h
A · Wit aan zet; witte koning en toren zijn nog nooit verplaatst
zwart: koning e8, wit: koning e1, wit: toren h1.
  1. Stelling A: voer korte rokade uit. Waar eindigen de koning en toren?
  2. De witte koning stond eerder op f1 en is terug op e1. Mag hij nu nog rokeren?
  3. Voeg in A een zwarte loper op a6 toe. De loper valt f1 aan. Mag wit kort rokeren?
  4. De witte koning staat schaak op e1. Mag wit rokeren om het schaak op te heffen?
  5. Zwarte koning e8, zwarte toren a8, witte koning e1, verder leeg. Koning en toren hebben nooit bewogen. Voer de lange rokade voor zwart uit. Welke velden moeten leeg zijn tussen koning en toren?

Dit wil ik nog oefenen: ___________________________________

Chessschool · chessschool.be/trainers/ · versie 31-10-2026

Begeleidersblad

Antwoorden: Rokade en koningsveiligheid

Laat leerlingen hun antwoord op het bord aantonen. De uitleg telt mee; alleen een zet onthouden is onvoldoende.

  1. Koning e1–g1 en toren h1–f1, samen één zet.
  2. Nee. Het rokaderecht verdwijnt zodra de koning beweegt, ook als hij terugkeert.
  3. Nee. De koning zou over het aangevallen veld f1 gaan. De diagonaal is a6–b5–c4–d3–e2–f1.
  4. Nee. Rokeren vanuit schaak mag nooit. Kies een andere legale verdediging.
  5. Koning e8–c8 en toren a8–d8. b8, c8 en d8 moeten leeg zijn; e8, d8 en c8 moeten veilig zijn voor de koning. Het feit dat b8 eventueel aangevallen is, verbiedt de rokade niet.

Eindcheck

De leerling noemt onbewogen koning en betrokken toren, vrije tussenvelden en geen schaak op het start-, tussen- of eindveld van de koning.