Chessschool

Les 8 van 13

Schaak en mat: schaakles voor beginners

Het doel van schaken: de koning van de tegenstander schaakmat zetten.

Schaak

Je staat schaak als je koning wordt aangevallen. Je volgende zet moet dat schaak oplossen: de koning veilig verplaatsen, de aanvaller slaan of de aanval blokkeren.

Schaakmat

Kun je het schaak niet oplossen, dan is het schaakmat en is de partij gewonnen. Een klassieker is de mat op de achterste rij.

Pat is geen winst

Staat een koning niet schaak maar kan de speler niets meer doen, dan is het pat: remise (gelijkspel). Let op als je veel voordeel hebt.

Oefenen en je kennis testen

Met JavaScript zie je bewegende bordvoorbeelden en kun je het examen maken. Elk goed antwoord levert tien punten op; met twintig punten slaag je.

Oefen schaaktactiek · Zoek een schaakbegrip op